
Doma Española
Het paard
Een paard wat opgeleid wordt voor de Doma Vaquera krijgt een lange training die jaren in beslag neemt. Een training waarbij zorgvuldige keuzes zijn gemaakt en het paard op een natuurlijke wijze zichzelf zowel fysiek als mentaal heeft ontwikkeld. De training staat volledig in het kader van het paard, en niet van de ruiter. De ruiter/trainer dient het paard voor te bereiden op het werk wat verricht met worden op het platteland, de ruiter/trainer dient dit zorgvuldig op basis van zijn kennis en ervaring te doen.
Een paard in de basis training is minimaal drie a vier jaar. Het eerste gedeelte bestaat uit voornamelijk het longeerwerk. In de training mag geen gebruik worden gemaakt van hulpteugels zoals wij dat in Nederland wel kennen. De longe wordt niet aan het bit bevestigd maar aan de serreton. Een serreton is een volledig hoofdstel met een metalen, met leer omwonden (forrada) neusband die op de neus voorzien is van drie ringen. De middelste ring wordt gebruikt bij het longeren. De buitenste twee ringen dienen om het paard te leren de richting op te gaan die de ruiter vraagt, zeker jonge paarden volgen hun hoofd. Men doet dit op deze manier om zeker te zijn dat de mond boterzacht blijft en de mond zo gespaard blijft. Zeker jonge paarden kunnen in de praktijk hun energie wel eens kwijt aan de longe. Door de longeerlijn te bevestigen aan de neus komt geen onnodige druk op de mond.
Welk type paard
De paarden die worden gebruikt ten behoeve van de Doma Vaquera zijn van oorsprong vaak kruisingen. De paarden zijn gekruist met elkaar op capaciteiten en geschiktheid waarbij het karakter en de fysieke bouw van het paard een grote rol speelt. Een Doma Vaquera paard moet het werken op het land met het vee fysiek en mentaal aankunnen. Ruiter en paard moeten elkaar 100% kunnen vertrouwen omdat er anders levensgevaarlijke situaties kunnen ontstaan in het werken met het vee. Het paard is bij voorkeur hoogbenig en temperamentvol. Vaak worden rassen met elkaar gekruist om het ideale paard te fokken. Rassen als de Arabier, PRE, Engels volbloed en de kruisingen die men al heeft en die bewezen hebben geschikt te zijn. Het uiterlijk is minder van belang dan het innerlijk van het paard, met name omdat een fysiek gezond paard veel aangeleerd kan worden. Het karakter en de persoonlijkheid van het paard zijn dingen waar men minder invloed op heeft. In basis moet het paard dan ook moedig zijn, temperamentvol van aard, voorwaarts, slim en oplossingsgericht zijn, ofwel mee kunnend denken en bereid zijn zich te onderwerpen aan de mens. Er wordt hier gesproken over onderwerping omdat gehoorzaamheid aan de ruiter van groot belang is, een foutje op het veld kan fatale gevolgen hebben voor ruiter en paard.
Lichamelijk is de gezondheid van het paard van groot belang. Aan conditie kan gewerkt worden. De benen van het paard dienen hard en droog te zijn met sterke en harde hoeven. Het terrein waar paard en ruiter gaan werken is grillig en robuust, er zijn vele rotsen, harde grond en obstakels op het platteland van Spanje. Het paard dient er tegen bestand te zijn dat het dier in aanleg probleemloos het werk aan kan. In de praktijk worden deze paarden vaak al geboren op dit uitgestrekte land. Hierdoor is het paard al bekend met het terrein.
In tegenstelling tot Nederland is het beste paard dat paard wat door een zekere natuurlijke selectie de leeftijd van drie jaar heeft gehaald. Paarden die in de eerste jaren niet meekomen worden niet gebruikt om mee te rijden. De eerste jaren die vele paarden in volledige vrijheid doorbrengen zijn bepalend voor hun doel en hun geschiktheid voor dat doel. Men is hier zorgvuldig in, en de paarden die de eerste jaren probleemloos doorkomen zijn paarden die uitermate sociaal en geschikt zijn. Het paard heeft al geleerd hoe het zich in groepen moet handhaven en is bekend met de sociale vaardigheden.
In het verleden liet men de paarden ook wel op hetzelfde terrein opgroeien als waar de Toro Bravo leefde. Zo leerden de jonge paarden hun collega’s al kennen, en was de training van het paard in de praktijk gemakkelijker. Let wel dat de terreinen enorme oppervlaktes zijn van meer dan 100 ha en de dieren elkaar vaak nauwelijks direct troffen.
Nu ook de landbouw steeds meer gemechaniseerd wordt, en daarmee het gebruik van de paarden vermindert zijn er minder paarden die op deze wijze opgroeien. Gelukkig zijn er nog vele werkzaamheden die men niet met een machine kan doen, zoals het testen van de stieren op vechtlust met de garrocha. Vandaar dat nog altijd de Doma Vaquera in de praktijk wordt bedreven en paarden worden opgeleid als collega en later als vriend.

Temperament
Het ideale paard voor de Doma Vaquera is een wat hoogbenig paard wat temperamentvol is. Dat temperament is nodig om in de praktijk snel en efficiënt te kunnen reageren in verschillende situaties. Rijden op een paard wat van nature nogal temperamentvol is, is iets wat niet altijd even gemakkelijk is. Daarom heeft dit in de gehele levenslange training van het paard de aandacht. Het temperament van het paard moet de ruiter voor zich winnen. Gevechten aangaan met een paard zijn dodelijk in de training. Met een collega die je met gaan vertrouwen vechten is ook niet zo handig. Het is het temperament en het karakter van het paard wat de geschiktheid voor het werk bepaalt. Een sloom paard zal niet snel kunnen accelereren zonder dat de ruiter daar veel moeite voor hoeft te doen. Een paard wat traag in de bewegingen is zal nooit de gevraagde oefeningen technisch correct kunnen uitvoeren. Het dier blijft achter in de beweging en zal in de praktijk gevaar lopen. Het vee waar het paard later mee moet werken is namelijk wel snel en ook temperamentvol.
Voor paard en ruiter geldt dat beide op een gemakkelijke wijze hun werk kunnen uitvoeren, als team. Het temperament van de paarden wordt gekoesterd. Zodra het paard fysiek sterk genoeg is om een ruitergewicht te kunnen dragen wordt gelijk gewerkt aan het beheersen van dat temperament. Het is de bedoeling dat paard en ruiter nauw gaan samen werken met zo min mogelijk hulpen van de ruiter. Hierdoor kan de ruiter op zijn paard vertrouwen. Oefeningen als onbeweeglijk stil staan zijn oefeningen die niet in de eerste fase van training mogelijk zijn, stapsgewijs wordt hier aan gewerkt. De paarden wordt geleerd om zelfstandig mee te denken bij de oefeningen. Vooral de mentale kant van een Doma Vaquera paard krijgt veel aandacht, het paard wordt zo min mogelijk belemmerd. Men gaat er ook van uit dat de fysieke kant meegetraind wordt en in de fases van de vier jaar basistraining automatisch mee gaat. et lichamelijke is de ontwikkeling, bij een juiste balans en evenwicht van het paard zal het paardenlichaam stapsgewijs voldoende getraind worden. De paarden zijn temperamentvol en op de wedstrijden is te zien dat deze paarden keurig aan de hulpen staan. Dat is een lange en mooie weg, zeker als paard en ruiter één worden en de oefeningen met expressie en gemak kunnen uitvoeren.
Diegenen die wel eens een competitie hebben gezien herkennen de enorme billen die de paarden hebben. Dat zijn niet, zoals de Amerikaanse Quarter horses gefokte billen, het zijn billen die er aangereden zijn, puur ontwikkelde spieren. Zodra deze paarden niet meer in training staan vallen de bespierde billen weg.
Trainen betekent afwisseling aanbieden in inspanning en ontspanning. Dit bouwt spiergroep op en geeft de mentale rust die de Doma Vaquera ruiter zo kenmerkt.
Een praatje maken met iemand op de grond heeft een positeve werking op het leerproces van he jonge paard.

Jong paard
 |